Zoek & vind:
media, releases en events om uw rapportage over de Bosch Group te ondersteunen.

Bosch en partners bundelen krachten voor groene energieconversiecampus en ontwik ...

13.03.2026

Persbericht

Powertrain systems

Bosch en partners bundelen krachten voor groene energieconversiecampus en ontwik ...

TILBURG – Bosch Transmission Technology, handelend onder de naam Bosch Thin Metal Technologies, heeft samen met een tiental publieke en private organisaties een intentieverklaring ondertekend voor de verkenning van een Power to X (P2X) Campus op het bestaande terrein van Bosch in Tilburg en Bedrijventerrein Het Laar. Het initiatief moet uitgroeien tot een open innovatie-ecosysteem waar onderzoek, ontwikkeling en industrialisatie van groene energieconversietechnologieën samenkomen. Daarbij gaat het om de volledige waardeketen van energie: van opwekking en conversie tot opslag en toepassing in de industrie.Brede samenwerking Naast Bosch Thin Metal Technologies tekenden ook: de Gemeente Tilburg, de Provincie Noord-Brabant, de Brabantse Ontwikkelings Maatschappij (BOM), de Nederlandse Organisatie voor Toegepast-Natuurwetenschappelijk Onderzoek (TNO), de Tilburg University, de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e EIRES), de Fontys Hogeschool, de Avans Hogeschool, de ondernemersorganisatie FME en de netwerkorganisatie World Class Maintenance. De partners brengen industriële kennis, onderzoekscapaciteit, onderwijs en beleidsmatige ondersteuning samen. Zo ontstaat een krachtig publiek-privaat samenwerkingsplatform dat technologische ontwikkeling koppelt aan industrialisatie en praktijktoepassing. Han-Hein Spit, Senior Vice President bij Bosch Thin Metal Technologies, ziet de samenwerking als een belangrijke stap.” Door deze campus bij Bosch in Tilburg op te richten, benutten we onze bestaande sterktes en creëren we een krachtige samenwerkingsomgeving om de industrialisatie van Power-to-X-technologieën te versnellen. Wij geloven dat een open innovatie-ecosysteem, gericht op de gehele waardeketen en diverse duurzame grondstoffen, essentieel is om de ambitieuze emissiedoelen van Europa te behalen." Power-to-X (P2X) maakt de omzetting mogelijk van hernieuwbare elektriciteit naar flexibele en opslagbare energiedragers zoals waterstof, koolmonoxide (CO), methaan (CH4) en andere duurzame chemicaliën, die in verschillende industrieën gebruikt kunnen worden. De campus geeft prioriteit aan robuuste en schaalbare industrialisatie en praktische toepassingen over de volledige waardeketen, van opwekking, conversie en opslag tot eindgebruik. Na een positieve verkenning zal de campus later een nieuwe naam krijgen. Een officiële opening wordt verwacht begin 2027.Bijdrage aan Europese energietransitie De vraag naar schone energie groeit snel. Technologieën voor groene energieconversie kunnen helpen om energie beter op te slaan, energienetwerken te stabiliseren en de inzet van duurzame energiebronnen te versnellen. De campus in Tilburg wil hieraan bijdragen door de ecosystemen te bouwen die nodig zijn om deze ambities waar te maken.Tilburg als strategische locatie De regio biedt verschillende voordelen voor een initiatief rond energieconversie. Tilburg ligt in de ARRRA-regio (Antwerp-Rotterdam-Rhine-Ruhr Area), een van de belangrijkste logistieke en industriële corridors van Europa. De nabijheid van havens, mobiliteitsknooppunten en industriële clusters maakt samenwerking en opschaling eenvoudiger. Daarnaast bevinden verschillende universiteiten en hogescholen zich in de buurt, waaronder TU/e, Tilburg University, Fontys en Avans. Ook TNO, de Nederlandse Organisatie voor Toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek, is nauw betrokken. Dat vergemakkelijkt kennisuitwisseling en talentontwikkeling. Bas van der Pol, wethouder van de gemeente Tilburg voor stedelijke ontwikkeling en economie: "Wij zijn erg blij met het initiatief van Bosch voor deze innovatieve campus en dragen hier als partner met overtuiging aan bij. Dit wordt zonder twijfel een iconische ontwikkeling voor groene energieconversie en publiek privaat partnerschap. Dit initiatief sluit perfect aan bij onze inzet voor duurzaamheid en ruimtelijk-economische ontwikkeling. Wij zien uit naar doorbraken op het gebied van kennisontwikkeling, nieuw verdienvermogen, kwalitatieve werkgelegenheid en ondernemerschap. Een samenwerking met een grote positieve impact op de brede welvaart van onze stad en regio.” Ook de provincie ziet het initiatief als een versterking van de regionale positie. Martijn van Gruijthuijsen, gedeputeerde Economie, Talentontwikkeling en Financiën, Provincie Noord-Brabant: "Noord-Brabant loopt voorop in innovatie, en deze verkenning naar een Power-to-X campus verstevigt onze positie. Door industrie, kennisinstellingen en overheid samen te brengen, creëren we een vruchtbare bodem voor duurzame oplossingen die ten goede komen aan onze provincie, Nederland en de Europese Unie.”Voortbouwen op bestaande Bosch-expertise De Bosch-locatie in Tilburg speelt vandaag al een rol in de ontwikkeling van waterstoftechnologie. Bosch werkt aan de voorontwikkeling van waterstofelektrolyse-stacks en zet zijn expertise op het gebied van hightech dunne metalen producten in voor de productie van bipolaire platen voor brandstofcellen en elektrolysers. Daarnaast beschikt de locatie over uitstekende testfaciliteiten, hoogwaardige fabrieksinfrastructuur, de nodige vergunningen voor het gebruik van chemicaliën en een krachtige stroomaansluiting. Dit vormt een stevige basis om nieuwe technologieën te ontwikkelen en op te schalen. TNO werkt al langer samen met Bosch rond Power-to-X-activiteiten op de site. Richard Braal, divisiedirecteur EMT Industrie bij TNO, ziet de campus als een logisch vervolg. “Het is mooi om te zien hoe Bosch nu een volgende stap zet. Onze expertise in toegepast onderzoek helpt bij de ontwikkeling van de volgende generatie groene energieconversietechnologieën. Het samenwerkingskarakter van deze campus overbrugt de kloof tussen wetenschappelijke ontdekking en industriële toepassing, waardoor de implementatie van duurzame oplossingen versnelt.” De te ontwikkelen campus committeert zich aan open innovatie. In een gedeelde omgeving komen industrie, startups en kennisinstellingen samen in co-creatieruimtes, pilotfaciliteiten en geavanceerde laboratoria. De ambitie is om het volledige spectrum van groene energieconversie te gebruiken met een blik voorbij waterstof, inclusief conversie naar koolstofmonoxide, methaangas en andere duurzame chemicaliën.Contact Bosch P2X Campus in Tilburg: Caro Roeffen +31 6 5283 3504 Perscontact Bosch Benelux: Peter De Troch +32 (0)2 525 53 46

Bosch verlegt de focus naar de ontwikkeling van nieuwe energietechnologieën

30.09.2025

Persbericht

Powertrain systems

Bosch verlegt de focus naar de ontwikkeling van nieuwe energietechnologieën

Tilburg – De voortschrijdende transformatie van de auto-industrie stelt de hele sector voor aanzienlijke uitdagingen. Deze omvatten de veeleisende overgangsperiode naar duurzame mobiliteit, gekoppeld aan toegenomen concurrentie- en prijsdruk op onze markten, terwijl de wereldwijde automarkt stagneert en in Europa zelfs afneemt. Onder deze omstandigheden moet Bosch de concurrentiepositie van haar vestigingen verbeteren en de economische levensvatbaarheid van haar productieactiviteiten waarborgen. Dit geldt ook voor de bedrijfslocatie in Tilburg, Nederland.Zoals reeds gecommuniceerd in 2023, zullen alle activiteiten met betrekking tot de duwband worden verplaatst naar bestaande regionale locaties in Azië, dichter bij de klanten. Na meer dan een halve eeuw zal Bosch Transmission Technology B.V. in Tilburg de productie van haar CVT duwband in 2028 beëindigen. Dit markeert het einde van een iconisch tijdperk voor de vestiging, die wereldwijd erkend is om de unieke expertise in dit product.Tegelijkertijd zet de locatie Tilburg beslissende stappen om zich te herpositioneren als een belangrijke speler in de ontwikkeling en industrialisatie van dunne metaaltechnologieën en -producten binnen de Bosch Groep. Bosch Tilburg zal zich voortaan richten op het ontwikkelen van dunne metaaltechnologieën, het produceren van samples, proefseries en kleine series die Bosch-innovaties en innovaties met externe partners op de markt brengen.Waardering voor medewerkers en hun bijdrage Het besluit om de productie van duwbanden te beëindigen en de vestiging te herstructureren, heeft een diepgaande impact op de medewerkers. Hun kennis, flexibiliteit en toewijding van de afgelopen decennia hebben Bosch Tilburg wereldwijd succesvol gemaakt en de basis gelegd voor de nieuwe bedrijfsgebieden die Bosch nu kan ontwikkelen. De voorgenomen veranderingen zullen een aanzienlijke impact hebben op de bedrijfsstructuur en het aantal medewerkers in Tilburg. De reductie zal gefaseerd plaatsvinden, afhankelijk van marktontwikkelingen. In de eerste fase plant het bedrijf om tegen 2026 ongeveer 140 banen te reduceren. De huidige verwachting is dat de locatie in 2028 ongeveer een kwart van de huidige omvang zal hebben. “We zijn ons bewust van de diepgaande impact die deze veranderingen op onze collega’s zullen hebben,” zegt Senior Vice President Thilo Müller. “We zullen deze stappen zorgvuldig nemen, in nauw overleg met de Ondernemingsraad en zorgen voor een continue dialoog met onze medewerkers.”Transitie naar nieuwe energietechnologieën Met deze transformatie versterkt Bosch Tilburg haar rol in duurzame energieoplossingen. De vestiging blijft een competentiecentrum voor R&D en industrialisatie, waarbij dunne metaalexpertise wordt toegepast voor Bosch en externe partners. Het zal zich richten op pilots en kleine series, waaronder gasfolielagers en andere dunne metaalproducten, terwijl het zijn sleutelrol als Bosch’ ontwikkelingscentrum voor elektrolysetechnologie behoudt. In samenwerking met eChemicles bevordert de vestiging ook de CO Stack-technologie om opgevangen CO₂ om te zetten in groen koolmonoxide. Daarnaast streeft Bosch Tilburg ernaar een Power-to-X Campus op te richten als innovatiehub voor toekomstige energieoplossingen.“Onze kennis, vaardigheden en cultuur vormen de basis van ons succes, en we passen deze nu breder toe dan ooit tevoren in meerdere markten,” zegt Müller. “Deze transformatie is niet makkelijk, maar met onze expertise, faciliteiten en partnerschappen zijn we ervan overtuigd dat Bosch Tilburg een plek zal blijven waar duurzame innovatie vorm krijgt.”Foto beschikbaar op www.bosch-press.nl. Contact Bosch in Tilburg: Caro Roeffen Phone: +31(0)13 4640381 / +31(0)6 52833504 E-mail: caro.roeffen@bosch.com Perscontact Bosch Benelux: Peter De Troch Phone: +32(0) 25255346 / +32(0) 457844808 E-mail: peter.detroch@bosch.com

20.10.2020

Persbericht

Powertrain systems

Bosch ondervraagt Europeanen over de toekomst van de aandrijflijn: respondenten ...

Stuttgart, Duitsland – Volgens een representatieve enquête die in juni 2020 op vraag van Bosch werd uitgevoerd door het marktonderzoeksinstituut Innofact, heeft geen enkel type aandrijflijn zijn relevantie verloren – of het nu batterijen of brandstofcellen, benzine- of dieselmotoren zijn. Als de 2.500 respondenten in Duitsland, Frankrijk, Italië en het Verenigd Koninkrijk morgen een nieuwe auto zouden moeten kiezen, zou een op de twee kiezen voor een zuivere verbrandingsmotor voor hun primaire auto en ongeveer een op drie voor hun tweede auto. Op de vraag wat de meest gebruikte aandrijflijn in 2030 zal zijn, ziet ongeveer 68 procent van de ondervraagden de elektrische aandrijflijn op de eerste plaats, vóór hybride en verbrandingsmotoren. Deelnemers aan de enquête erkenden ook het potentieel van brandstofcelauto’s, waarbij ongeveer een op de drie de brandstofcel als de toekomst van mobiliteit ziet. “Elektrische mobiliteit komt eraan – en dat is goed nieuws. Alleen al dit jaar investeert Bosch 500 miljoen euro in dit domein. Tegelijkertijd verfijnen we ook continu de verbrandingsmotor – omdat die nog steeds nodig is,” zegt Dr. Stefan Hartung, lid van de raad van bestuur van Robert Bosch en voorzitter van de bedrijfssector Mobility Solutions.Respondenten willen stimuli voor alle aandrijflijntypes Een volgende vraag toont de openheid van de respondenten ten opzichte van alle types aandrijflijnen: wanneer ze gevraagd worden of ze voorstander zijn van stimuli voor voertuigen die uitsluitend zijn uitgerust met een verbrandingsmotor, naast de vele overheidssubsidies voor elektrische auto’s en plug-in hybrides, antwoordde 70 procent van de ondervraagde Europeanen bevestigend. Het aantal respondenten dat voorstander is van overheidsstimuli om nieuwe auto’s met een conventionele aandrijflijn te kopen is het hoogst in Italië met 83 procent, en het laagst in het Verenigd Koninkrijk met 60 procent. In Frankrijk is 77 procent voorstander en in Duitsland 62 procent. “Het stimuleren van moderne verbrandingsmotoren kan de vernieuwing van het autopark versnellen, wat ook goed is voor het milieu en het klimaat”, zegt Hartung. Iets minder dan een derde van de Europeanen wil deze subsidie zien oplopen tot minimaal 9.000 euro. Dat bedrag is gelijk aan de maximale korting die vandaag door de Duitse overheid wordt aangeboden voor de aankoop van een elektrische auto. Twee bevindingen zijn opmerkelijk: ten eerste vindt 72 procent van de stadsbewoners in de vier bevraagde landen dat de verbrandingsmotor een subsidie verdient. Ten tweede steunt de meerderheid (80 procent) van de 18- tot 29-jarigen ook stimuli voor auto’s met een verbrandingsmotor. Zelfs auto’s met conventionele motoren kunnen klimaatneutraal rijden. De sleutel hiervoor zijn hernieuwbare synthetische brandstoffen of eFuels, die zijn gemaakt van hernieuwbare waterstof en CO2 uit de omringende lucht. Gemiddeld was 57 procent van de deelnemers aan de Bosch-enquête het ermee eens dat eFuels belastingvoordelen zouden moeten krijgen. “Er is gewoon geen andere manier dan hernieuwbare synthetische brandstoffen als we onze klimaatdoelstellingen willen halen,” zegt Hartung. “Alleen met eFuels kunnen de meer dan een miljard auto’s die vandaag wereldwijd al op de weg zijn, de opwarming van de aarde tegengaan.” Geen leven zonder auto: respondenten in Europa zijn unaniem In Europa zal de status van de auto en het belang ervan voor de mobiliteit waarschijnlijk niet snel veranderen. Ongeveer 60 procent van de ondervraagden in Duitsland, Frankrijk, Italië en het VK kan zich niet voorstellen helemaal zonder auto te leven. En een duidelijke meerderheid van de overige 40 procent is maar af en toe bereid de auto achter te laten. Op het Europese platteland is het goedkeuringspercentage voor de auto 77 procent. Overigens zijn deze bevindingen ongeveer gelijk bij de 18- tot 29-jarigen, van wie ook ongeveer de helft duidelijk voorstander van een auto is. Terwijl 61 procent van de respondenten in Duitsland en 47 procent in het VK flexibiliteit als belangrijkste reden gaf om een auto te hebben, vermeldde 41 procent van de Franse respondenten dat ze de auto vooral voor het werk nodig hadden. Daartegenover verkiest 55 procent van de Italianen de auto boven andere vormen van mobiliteit omdat ze die vormen minder comfortabel vinden. “In de nabije toekomst zal de auto het belangrijkste vervoermiddel blijven – en heeft de auto uitstekende vooruitzichten om nog klimaatvriendelijker te worden,” zegt Hartung. Het doel van Bosch is dat mensen op een betaalbare en milieuvriendelijke manier mobiel kunnen blijven. De toekomst van de aandrijflijn: Bosch is voorstander van elektromobiliteit en verbrandingstechnologie Bosch heeft als doel om transport zo milieuvriendelijk mogelijk te maken en streeft op verschillende manieren de visie van een CO2-neutrale en zo goed als emissievrije mobiliteit na. In zijn benadering van de toekomstige aandrijflijntechnologie behoudt de technologie- en dienstenproducent een open geest. Enerzijds wil Bosch marktleider worden op het gebied van elektromobiliteit met auto’s aangedreven door batterijen en brandstofceltechnologie. Elektrische auto’s zijn klimaatneutraal als het laadvermogen en de waterstof afkomstig zijn van hernieuwbare bronnen. Anderzijds gaat Bosch door met het verfijnen van verbrandingsmotoren om de opwarming van de aarde tegen te gaan en het milieu zoveel mogelijk te beschermen. Als ze op eFuels rijden, kunnen benzine- en dieselmotoren ook klimaatneutraal de weg op. Bosch verwacht dat tegen 2030 ongeveer een derde van alle nieuw geregistreerde voertuigen wereldwijd zuiver elektrisch zal zijn. Tweederde van alle nieuwe voertuigen zal nog steeds worden aangedreven door een verbrandingsmotor, waarvan vele als hybride.

01.10.2019

Persbericht

Powertrain systems

Bosch: eFuels voor minder CO₂

Stuttgart, Duitsland – Het Akkoord van Parijs wil de opwarming van de aarde beperken tot 2°C boven het pre-industriële niveau, en bij voorkeur zelfs tot 1,5°C. De fossiele CO₂-uitstoot afkomstig van het verkeer zal in de komende drie decennia tot bijna nul moeten worden teruggebracht om dit doel te bereiken. De grote vraag is hoe. Elektromobiliteit komt pas nu echt op gang en elektrische auto’s zijn maar net zo emissievrij als de elektriciteit waarmee de accu wordt opgeladen. Bovendien is bijna de helft van de voertuigen die in 2030 in omloop zullen zijn al verkocht, en die zijn voor het overgrote deel uitgerust met een diesel- of benzinemotor. Ook het bestaande wagenpark kan en moet een rol spelen in het terugdringen van de CO₂ -uitstoot. Hernieuwbare synthetische brandstoffen (eFuels) zijn een manier om dit te bereiken.Zeven redenen waarom eFuels tot de mobiliteitsmix van de toekomst behoren: 1. Tijd eFuels zijn de fase van het fundamenteel onderzoek al lang voorbij. Technisch gezien is het nu al mogelijk om synthetische brandstoffen te produceren. Met groene stroom wordt uit water waterstof geproduceerd. Daarnaast is ook koolstof nodig. Uit de combinatie van CO₂ en H₂ wordt vervolgens synthetische brandstof gewonnen, van benzine, diesel, gas of kerosine. Het productieproces ligt vast, maar de capaciteit moet snel worden uitgebreid om aan de vraag te voldoen. Investeringsstimuli kunnen daarbij helpen, zoals bijvoorbeeld het invoeren van brandstofquota, het compenseren van de CO₂besparingen als het gevolg van het gebruik van eFuels in het wagenpark en langetermijnplanning. 2. Klimaatneutraliteit eFuels worden geproduceerd met behulp van alleen maar hernieuwbare energiebronnen, zoals zonne- of windenergie - vandaar ook de ‘e’ in de naam. Idealiter wordt de CO₂ gebruikt bij de productie van deze brandstoffen uit de omgevingslucht gehaald. Op die manier wordt broeikasgas een grondstof en wordt een cyclus gecreëerd waarbij de CO₂-uitstoot als het gevolg van het verbranden van eFuels wordt gerecycleerd en opnieuw gebruikt om nieuwe eFuels te produceren. Voertuigen aangedreven door synthetische brandstof zijn op die manier klimaatneutraal. 3. Infrastructuur en aandrijftechnologie eFuels die volgens het Fischer-Tropsch-proces worden geproduceerd, kunnen in de bestaande infrastructuur en huidige motoren gebruikt worden. Experts spreken van “drop-in” eFuels, omdat ze onmiddellijk kunnen worden ingezet en geen vernieuwing of aanpassing van de bestaande infrastructuur en voertuigen vereisen. eFuels kunnen ook aan conventionele brandstof worden toegevoegd en dus nu al een bijdrage leveren om de CO₂-uitstoot van de bestaande vloot terug te dringen. Op die manier kunnen deze brandstoffen al een positieve bijdrage leveren nog voor ze op grote schaal worden geproduceerd. Zelfs oldtimers kunnen op synthetische benzine rijden omdat de chemische structuren en de basiskenmerken van benzine intact blijven. 4. Kostenplaatje De productie van synthetische brandstoffen is nog steeds een duur proces. Met de uitbouw van een grotere productiecapaciteit en lagere kosten voor het genereren van groene stroom zullen eFuels uiteindelijk goedkoper worden. Volgens recente studies kan tegen 2030 een pure brandstofkost (exclusief accijnzen) tussen de 1,20 en 1,40 euro per liter worden bereikt en tegen 2050 slechts 1 euro per liter. Het huidige kostennadeel van eFuels ten opzichte van fossiele brandstoffen kan verder aanzienlijk worden gereduceerd als aan het milieuvoordeel van eFuels een waarde zou worden toegekend. Het feit dat ze compatibel zijn met de infrastructuur en automobieltechnologie van vandaag is een voordeel ten opzichte van andere alternatieve aandrijflijnen. 5. Toepassingen Zelfs als in de toekomst alle auto’s en trucks door accu’s en brandstofcellen worden aangedreven, zullen vliegtuigen, schepen en delen van het vrachtwagenverkeer op conventionele brandstoffen blijven rijden. Verbrandingsmotoren aangedreven door koolstofneutrale eFuels zijn daarom ook voor dit soort van transport van essentieel belang. 6. Resources Brandstof in de tank of voedsel op het bord? Deze vraag stelt zich niet, voor op groene stroom geproduceerde synthetische brandstoffen. Biobrandstoffen, bijvoorbeeld gemaakt uit afvalmateriaal, zijn nuttig, maar niet oneindig beschikbaar. Met duurzame elektriciteit kunnen eFuels in onbeperkte hoeveelheden worden geproduceerd. En er kan wereldwijd voldoende hernieuwbare energie worden geproduceerd om aan de vraag te voldoen, omdat de opslag en het transport ervan vrij eenvoudig zijn. 7. Opslag en transport Synthetische brandstoffen worden geproduceerd met hernieuwbare energie en nemen nadien de vorm van gas en vloeistof aan. Dit maakt eFuels ook geschikt voor opslag in grote hoeveelheden en het transport wereldwijd. Ze kunnen ook dienen als buffer voor de onregelmatige productie van zonne- of windenergie of om regionale beperkingen voor de expansie van hernieuwbare energiebronnen op te vangen. Dit is ook interessant voor de efficiëntie. Het rendement van een elektrische auto in de compacte klasse in Duitsland opgeladen met hernieuwbare energie uit Duitsland is ongeveer 60 tot 70 procent. Als de stroom uit afgelegen gebieden komt, moet deze voor het transport eerst in chemische energie worden omgezet en daarna opnieuw in stroom. Hierdoor wordt de efficiëntie met 20 tot 25 procent verlaagd. Dat is hetzelfde rendement als een voertuig op eFuels.